| |
De savanneolifant is het
grootste landdier. Een bul weegt tussen de 4000 en 6300
kilogram, een vrouwtje 2200 tot 3500 kilogram. Ze worden 240
tot 340 centimeter hoog en 600 tot 730 centimeter lang. De
staart is één tot anderhalve meter lang.
Zijn dikke huid is lichtgrijs
tot zwartgrijs of bruin van kleur. Soms heeft de soort een
roze huid, vaak in vlekken, soms over de gehele huid. De
grote oren zijn rijk doorbloed, waardoor ze het lichaam
kunnen afkoelen. Veel warmte kan via de oren ontsnappen als
de olifant met deze wappert. De grote, naar voren gebogen
slagtanden verschillen per individu van vorm en grootte.
Zowel mannetjes als vrouwtjes hebben slagtanden. De poten
zijn hoog en zuilvormig en rusten op kussentjes. De
pootafdrukken zijn per individu verschillend.
Hij kwam vroeger in bijna
geheel Afrika voor, met uitzondering van de droogste plekken
van de Sahara en in de regenwoudgordel van West- en
Centraal-Afrika. Hier wordt hij vervangen door de verwante
bosolifant. De leefgebieden van beide soorten overlappen, en
ze leven soms naast elkaar. Tegenwoordig is hij uitgestorven
in Noord-Afrika en leeft hij op slechts een handvol plaatsen
in Zuid- en West-Afrika.
Hij kan overleven in alle landschappen, van woestijnen tot
regenwouden, van kusten tot gebergten, maar hij is vooral
algemeen op savanne en grasland. De savanneolifant kan nog
aangetroffen worden zo'n 80 kilometer van de
dichtstbijzijnde waterbron, waardoor hij ook in woestijnen
kan worden aangetroffen. De soort is echter wel afhankelijk
van water en schaduw, en in het droge seizoen op de savanne
trekt hij weg van de savannes naar nabijgelegen bossen en
moerassen.
Savanneolifanten kunnen het landschap drastisch veranderen
en afwisselender maken. Ze ontwortelen bomen, graven
waterputten en trappen de begroeiing plat, waardoor heel
nieuwe leefgebieden ontstaan en bos verandert in savanne.
In de jaren dertig en veertig
van de vorige eeuw waren er vijf tot tien miljoen olifanten
in Afrika. Tegenwoordig zijn het er waarschijnlijk 500.000
tot 750.000. Er wordt nog altijd op gejaagd voor het ivoor
en andere jachttrofeeën, maar ook worden ze gedood omdat ze
landbouwgebieden verwoesten, en omdat ze in sommige
nationale parken zo talrijk zijn geworden, dat andere
diersoorten moeite hebben met overleven. Daarentegen zijn er
voor weinig diersoorten zoveel beschermingsmaatregelen
genomen als voor de savanneolifant, en op veel plekken is
hun aantal stabiel of zelfs stijgende. |
|
|