Maak van deze pagina je startpagina  
  Home | Zoogdieren | Knaagdieren | Konijnen  
         
 

Sallander

De Sallander, of het Sallands konijn, is van Nederlandse origine en is vernoemd naar de streek waar de fokker ervan woonde: Salland. De eerste dieren werden gefokt door een bekende Nederlandse keurmeester en konijnenfokker (D.J. Kuiper) uit Olst. Hij kruiste Thuringers met Chinchilla's. Zijn nieuwe ras werd in 1975 door de Nederlandse konijnenfokkersbond erkend. In Nederland is het ras een veel voorkomende soort, maar dat is in andere landen wel anders.

Eigenschappen:

Sallanders hebben een gemiddeld actief temperament. Als gezelschapsdier voor kinderen en volwassenen zijn ze tot dusver niet zo in trek. Als sportras kunnen ze in Nederland rekenen op een behoorlijke groep liefhebbers.

Uiterlijke kenmerken:

Sallanders hebben een wat gedrongen, mooi gevulde lichaamsbouw met een korte hals. De poten zijn van gemiddelde lengte en moeten flink en stevig zijn. De kop van de Sallander is goed ontwikkeld en breed. De oren zijn stevig en ongeveer 12 cm lang. Ze worden rechtop gedragen. Het gewicht ligt ongeveer tussen de 3 en 4 kilo.

Vacht:

De vacht heeft een normale lengte, is dicht en vol, met veel onderwol. Deze behoort zacht aan te voelen en ligt glad tegen het lichaam aan.

Kleuren:

De kleur van de Sallander komt bij geen enkel ras ander ras voor. Er wordt op tentoonstellingen sterk gelet op de juiste kleur en uitmonstering. Sallanders zijn gebroken wit en elke haarpunt is lichtjes bruinzwart aangetipt, wat een teer kleurwaas geeft. De oren, borst, snuit, achterhand, poten en buik zijn donker gekleurd. Ook op het onderste gedeelte van de schouders en de flanken is de kleur donkerder dan op de rest van het lichaam. De donkere kleur manifesteert zich het duidelijkst op de snuit, oren en buik. De ogen zijn donkerbruin.