|
Voordat we het verhaal onder de vorming van Nederland en
België gaan vertellen, over de reis die onze landen over de
planeet hebben gemaakt en over de sterk wisselende
omstandigheden en klimaten die onze omgeving mede hebben
vormgegeven, moeten we eerst wat nauwkeuriger naar het
begrip 'klimaat' kijken. Wat is nu eigenlijk 'klimaat'?
Welke processen zijn er die invloed (kunnen) hebben op de
ontwikkeling van een klimaat?
Officieel is het klimaat het
gemiddelde weer, niet meer en niet minder; het gemiddelde
weer over een bepaalde periode. Door klimatologen worden om
een klimaat te definiëren periodes van 30 jaar gebruikt. Als
je de gegevens voor elk onderdeel van het weer over die
periode middelt, krijg je de cijfers die samen het klimaat
van een gebied voorstellen. Ze vertellen bijvoorbeeld dat de
gemiddelde decembertemperatuur in Nederland tussen 1971 en
2000 precies 4,0 graden is geweest. Maar ook dat de zon
gemiddeld 44 uur scheen en dat er gemiddeld 77 millimeter
regen viel.
Zo is er voor alle parameters
die in het weer een rol spelen een gemiddelde waarde
beschikbaar. Een waarde die meteorologen dan weer kunnen
gebruiken om er het weer dat op een bepaald moment optreedt
aan te toetsen en het te duiden.

Nu is de periode dat het weer
officieel wordt gemeten nog niet zo heel lang, niet meer dan
slechts een paar honderd jaar. Dat is niets als je bedenkt
dat de klimaatgeschiedenis van de aarde zich dan ook meteen
opdringt is hoe het kan dat we toch een poging doen om het
klimaat uit dat lange verleden te reconstrueren? Het
antwoord is dat de wetenschap de laatste honderd jaar een
enorme vlucht heeft genomen. Gegevens over het weer in het
verleden komen al lang niet meer alleen van thermometers,
barometers, windmeters en regenmeters.
Ze liggen opgeslagen in
aardlagen, en afzettingen op oceaan- of meerbodems, in de
ijslagen op Groenland en Antartica, in veenlagen en in
gletsjers in de hooggebergten.
Stuk voor stuk vormen zij
dankbare onderzoeksobjecten voor academici uit allerlei
onderzoeksachtergronden. Allemaal vertellen ze hun eigen
verhaal, variërend van dat van de laatste honderden
miljoenen jaren (de aardlagen) tot de geschiedenis van de
laatste tienduizenden jaren (ijskappen, gletsjers en
veenlagen).
Daarmee vormen ze de bronnen
van het klimaat en geschiedenis.
Door de uitkomsten van al die
onderzoeken samen te voegen met de kennis die op basis van
andere bronnen al is opgebouwd, hebben we de mogelijkheid de
loop van de geschiedenis van het klimaat te achterhalen,
misschien wil sinds het prilste begin van de aarde. Een
verhaal overigens dat natuurlijk alleen in grote lijnen
verteld kan worden, want heel veel is nog niet onderzocht en
uitkomsten van sommige onderzoeken zijn zeker niet
onomstreden. Ook blijven er grote hiaten en vragen over,
waarop voorlopig nog geen antwoord kan worden gegeven. Toch
weten we al veel meer dan tien jaar geleden en is een poging
om de klimaatgeschiedenis in grote lijnen te reconstrueren
zeker de moeite waard.
|