De bultrug verschijnt op zijn tochten in bijna alle wereldzeeën. In de paartijd brengt hij een klagend, aangrijpend geluid ten gehore.
De Bultrug kan op bepaalde tijden in alle wereldzeeën opduiken, maar zijn verspreiding en omzwervingen volgen over het algemeen een vast patroon. Er staan drie hoofd populaties : in de noordelijke delen van de Atlantische en stille oceaan en in de zuidelijke oceanen. Deze kunnen weer in gescheiden levende, kleinere groepen worden onderverdeeld. Tijdens de paartijd houden Bultruggenzich in warmere kustwateren op. Het grootste deel van het jaar brengen ze echter door in koudere gebieden. Eén van de langste tochten wordt door een antarctische populatie ondernomen. Deze zwemt 6500 km noordwaarts naar de voorplantingswateren in de Golf van Panama.
Populaties van het zuidelijk halfrond voeden zich voornamelijk met kril, maar hun noordelijke soortgenoten genieten een meer gevarieerde kost van zandspiering en scholen vis zoals makreel en haring. De Bultrug laat zijn aangrijpende gezangen meestal tijdens de paartijd horen. De meeste zangers zijn solitaire mannetjes die proberen een vrouwtje te verleiden. Het lied omvat een gecompliceerde serie roepen, die vaak als huilen, piepen, klagen en steunen zijn beschreven. Het lied verschilt van walvis tot walvis en duurt soms 35 minuten zonder onderbreking. Het is vaak dertig kilometer verderop nog hoorbaar.
Van de oorspronkelijke ca. 150.000 dieren zijn er door bejaging nog slechts zes tot achtduizend over. Weliswaar is de commerciële walvisjacht gestaakt, maar de soort is nog steeds bedreigd.
De bultrug kan gerust 50 jaar worden, en is vanaf 1 jaar geslachtsrijp. De paartijd is gedurende de winter, het vrouwtje kalft om de 2-3 jaar. De bultrug is één van de zes soorten vinvissen. Deze zijn gekenmerkt door het bezit van een rugvin. De andere zijn de blauwe, gewone, noordse, Bryde en dwergvinvis. |